College alleen bezorgd over duurdere woningsegment
Uit de evaluatie van het woningbouwprogramma 2000-2010 blijkt dat er onvoldoende
goedkope woningen zijn gebouwd, maar het college acht actie daarop op dit moment
niet nodig. Dit terwijl de “exclusieve” woningbouw in de afgelopen jaren hoger
is uitgevallen dan werd berekend toen het woningbouwprogramma werd vastgesteld.
Toch blijkt het moeilijk te zijn de duurdere woningen kwijt te raken terwijl er
in het goedkope segment volop vraag is. In het goedkope segment werd de
afgelopen jaren slechts 14 % van de beoogde 25% gerealiseerd. Hiervoor worden
geen oorzaken aangegeven.
Oorzaken die het College noemt voor het tegenvallende aantal gebouwde woningen
zijn allemaal voorspelbaar en geven geen échte reden waarom het niet is gelukt
voldoende woningen te bouwen. Het is natuurlijk logisch dat burgers gebruik
maken van het recht bezwaar aan te tekenen en dat onderhandelingen soms lastig
en langdurig kunnen zijn.
In de evaluatie worden alleen suggesties gedaan en analyses gegeven voor de
afzet van duurdere woningen. Over hoe de achterstand bij de goedkope woningen
moet worden weggewerkt wordt tot verbazing van GroenLinks met geen woord
gesproken. Het lijkt er daarom op dat er door het College geen lering is
getrokken uit het rekenkamerrapport over de sociale woningbouw.
GroenLinks vindt dat de gemeente nu volop moet gaan inzetten in het ontwikkelen
van betaalbare woningen waar dus kennelijk vraag naar is.
Dit vraagt een nieuwe planning voor de laatste vier jaar van het
woningbouwprogramma om de gestelde doelen nog te kunnen halen.
Niet alleen meer kwalitatief goede plannen maken voor het dure segment, maar
goede plannen maken voor wijken waarin goedkope en duurdere woningen door elkaar
heen staan zodat er een evenwichtiger beeld in de woningproductie en
samenstellingen van de wijken ontstaat.